Om tot een juiste diagnose te komen, heeft de huisarts tal van middelen ter beschikking. Op deze pagina worden de mogelijke onderzoeksvormen en testen kort beschreven.
Anamnese
Vermoed je dat je een allergie hebt en bezoek je je arts, dan neemt deze eerst de anamnese af, wat inhoudt dat hij je zal vragen naar je klachten. Je arts probeert vast te stellen wat er aan de hand is, en bespreekt je klachten met je. Hoe is je algemene conditie, waar heb je precies last van? Wanneer zijn je klachten het hevigst en hoe lang heb je er al last van? Verder checkt je arts bijvoorbeeld of je in het verleden al eerder allergische klachten hebt gehad. Lijkt het erop dat je een allergie hebt, dan wordt er verder lichamelijk onderzoek gedaan.
Lichamelijk onderzoek
Bij lichamelijk onderzoek naar de oorzaken van een allergie wordt vooral gekeken naar: de huid van het gezicht en de hoofdhuid (eczeem?), de ogen (roodheid?), de neus (verstopt, loopneus, geïrriteerd slijmvlies?). Verder wordt de ademhaling beluisterd en worden de mond- en keelholte bekeken. Voor nader onderzoek naar de oorzaken van allergische reacties zijn er allerlei tests beschikbaar.
Intracutaantesten
Bij een intracutaantest wordt de stof waarvan vermoed wordt dat het je allergische reactie uitlokt, de allergene stof, in een hele kleine hoeveelheid net in je huid gebracht. Reageert de huid met roodheid en/of een zwelling, dan ben je gevoelig voor die stof.
Priktesten
Bij een priktest wordt een allergische reactie opgewekt door een druppel allergeenextract (waarvoor men mogelijk allergisch is) op de huid van de onderarm aan te brengen.
Met een priklancetje wordt vervolgens door de druppel heen geprikt. Na 15 minuten kan worden afgelezen of het lichaam gereageerd heeft. Bij een allergische reactie zal een bultje ontstaan, dat een beetje kan jeuken.
Op basis van het klachtenpatroon en de uitslag van de huidtest zal de behandeling van de allergie bepaald worden.
De uitvoering en interpretatie van een priktest
Bent u medisch professional en wilt u meer weten over de wijze waarop een priktest wordt uitgevoerd en geïnterpreteerd? Klik hier.
Bloedtesten
Naast huidtesten geven ook bloedtesten uitsluitsel over de herkomst van de allergische reactie. Via de 'RAST' (Radio Allergo Sorbens Test)-methode, bijvoorbeeld, wordt de hoeveelheid antistoffen tegen één allergeen (bijvoorbeeld graspollen) gemeten.
Provocatietesten
Bij een provocatie ('uitlokkings') test worden oog, neus of longen in contact gebracht met het allergeen. Ben je allergisch voor het allergeen, dan treedt er een reactie op. Bij voedselallergieën worden vaak capsules gegeven met verschillende concentraties van het allergeen om te kijken of je daarop reageert. Vaak wordt zo'n provocatie alleen uitgevoerd als andere testen niet genoeg zekerheid opleveren.
Longfunctieonderzoek
Allergische klachten kunnen gepaard gaan met een vernauwing van de luchtwegen. Bezoek je je arts met klachten over de luchtwegen, dan is de kans aanwezig dat er een longfunctieonderzoek plaatsvindt. Zo'n onderzoek wijst uit of de klachten aan een allergische reactie te wijten zijn. Bij een longfunctieonderzoek wordt onder meer getest hoe de longen werken: hoe is de elasticiteit, hoe gevoelig zijn ze, hoeveel volume is er. Ook kan worden nagegaan hoe de longen reageren op toediening van histamines, de stof die vrijkomt bij een allergische reactie. Dit noemt men een aspecifieke longfunctie- of provocatietest.
Plakproeven
Als een contactallergie wordt vermoed, wordt er vaak gebruik van plakproeven gemaakt. Er worden dan 'pleistertjes' op de rug geplakt, elk met een verschillend allergeen. Na ongeveer 2 dagen kan het resultaat worden 'afgelezen': ontstaat er een eczeemplekje, dan ben je voor het betreffende allergeen gevoelig.
Expositiemetingen
Om een idee te krijgen of en hoe groot de blootstelling aan een allergeen is, worden expositiemetingen uitgevoerd. Er worden bijvoorbeeld stofmonsters verzameld, die op hoeveelheden allergenen worden onderzocht. Dat onderzoek kan zich op allerlei allergenen richten: van huisstofmijten in matrassen of vloerbedekking tot beroepsallergenen, bijvoorbeeld in permanentvloeistoffen bij kapsalons. Ook kunnen in de lucht metingen worden uitgevoerd om te bepalen hoe groot de concentraties boom- en graspollen zijn. Deze metingen worden ook gebruikt voor de pollenmeldingen op de radio.
